fullsizeoutput_1c6e.jpeg

Carmen de Fretes

hair & make-up

artist

Molukse Mascara & Hollandse Highlights

Tegenwoordig is een goede opleiding onmisbaar. Dat is voor iedereen wel duidelijk maar er wordt al vrij vroeg erg veel druk gezet op het maken van je keuzes in een vervolgopleiding. Dan ben je net 16 jaar en moet je een min of meer levensbepalend profiel kiezen. Ik vond dat best wel heftig. Ik vroeg mij vaak hardop af of dit allemaal nu al bepaald moest gaan worden? Totdat ik na lang zoeken echt koos wat ik leuk vond. Vanaf dat moment heb ik nooit meer geklaagd over school. Doordat ik mijn opleiding nu met plezier volgde ging alles eigenlijk vanaf dat moment van een leien dakje. Ook mijn ouders zijn allebei gewoon hartstikke trots op hoe het allemaal is gegaan. Carmen de Fretes is 23 en Hair and Make-up Artist. Ze is geboren en getogen in Gouda, heeft een Molukse vader en een Nederlandse moeder.

 

Gewoon Carmen het halfbloedje

Ik heb een superleuke kindertijd gehad. We zijn niet in de wijk opgegroeid maar ik kom er vaak op familiebezoek of met verjaardagen of speciale gelegenheden. Mijn vader heeft best wel een groot huis dus meestal komt iedereen toch wel naar hem in Gouda toe. Hij heeft speciaal voor de familie een hele lange eettafel gemaakt zodat zoveel mogelijk mensen aan tafel kunnen zitten. Lang niet iedereen natuurlijk, want de familie is daarvoor veel te groot. Maar de meeste van hen kunnen aan tafel zitten.

Hoewel ik met een Nederlandse en een Molukse familie ben opgegroeid heb ik daar eigenlijk nooit echt bij stil gestaan. Mijn moeder zei eens dat ze het zo bijzonder vond dat we als kinderen zo snel konden schakelen tussen beide culturen. Bij mijn Molukse familie waren wij toch allemaal wat beleefder. Iedereen is natuurlijk oom en tante en anders is het usi en bung. Bij mijn Nederlandse familie noemde ik mijn ooms en tantes gewoon bij hun voornaam. We tutoyeerden ook gewoon; je en jij was bij ons normaal. Maar wel altijd op een beleefde manier. Van de week nog zei iemand op het werk dat ik zo netjes ben opgevoed. Veel Nederlanders zeggen dat tegen mij. 

Grappig eigenlijk, als ik er nu zo over nadenk heb ik heel veel Nederlandse vrienden, het lijkt wel of ik een kaaskop ben of zo. Omdat ik niet in de Molukse wijk ben opgegroeid kreeg ik op school dan ook Nederlandse vriendinnen en dus ook automatisch minder Molukse vriendinnen. Ik weet dat ik Moluks ben, dat zit natuurlijk in mij, maar het is niet zo dat ik mij als Moluks zie. Hoewel ik mij overigens ook niet als Nederlander zie. Ik voel me gewoon Carmen het halfbloedje. Soms denk ik ook wel eens: is het verkeerd om dat te denken? Beledig ik mijn trotse Molukse vader hier bijvoorbeeld mee? Maar ik voel me nergens dichterbij tot aangetrokken, niet in het Nederlands zijn en niet in het Moluks zijn. Juist omdat ik van allebei de culturen alles heb meegekregen. Toch, als ik bijvoorbeeld aan iets als Bangsa denk word ik super happy. Als ik Molukkers op straat tegenkom lach ik ook altijd even, zeg altijd gedag en laat een stukje herkenning zien. Molukkers  zijn gewoon gevoelsmensen, het klinkt misschien heel stom, maar zelfs in eten zit er meer gevoel. Dat samenkomen en dat samendoen met elkaar dat is echt Moluks en daar houd ik van.

 

Verlammend respect

Wij zijn door mijn ouders geaccepteerd wie wij zijn. En we hebben, ook al vind ik dat zelf niet, eigenlijk best een bijzonder gezin. Mijn jongste broer heeft een groei-stoornis en mijn oudste broer is op zijn 18de uit de kast gekomen. Iets waar in de Molukse gemeenschap niet veel over gesproken wordt. Nogmaals ik heb het niet als bijzonder ervaren maar ik denk dat het door anderen wel zo wordt gezien. Mijn ouders hebben ons meegegeven om altijd te zijn wie je bent. Het accepteren van de ander zonder veroordeling. Ik ben in twee culturen opgegroeid en heb altijd mogelijkheid gekregen om te ontdekken wat ik zelf heel fijn vind en waar ik mij prettig bij voel.

Ik vond het wel spannend toen mijn broer uit de kast kwam. Ik wist toen niet hoe mijn Molukse familie hierop zou reageren en kon tegelijkertijd ook niet echt plaatsen waar dat gevoel van spanning vandaan kwam. Wellicht het geloof, ik weet het niet zo goed. Deze spanning had ik vooral bij de opa’s en oma’s. Waarschijnlijk is dat hierbij ingegeven door een soort van conflicterend gevoel met de oude tradities, normen en waarden die deze generaties eigen zijn. En wat dus op het eerste oog niet lijkt te passen maar wel de realiteit is. Dat vind ik wel moeilijk. Ik ben echt iemand die heel erg graag praat over mijn gevoel. Mijn vader stond daar vroeger anders in. Logisch ook omdat hij natuurlijk veel strikter is opgevoed. Toch heb ik die zwijgzaamheid op momenten als lastig ervaren en zie ik het als een soort van koppigheid. Doordat het respect naar ouderen heel groot is, ga je niet snel tegen ze in. En dat is moeilijk omdat ik ze wel heel graag wil vertellen hoe ik tegen bepaalde dingen aan kijk of hoe ik over iets denk. Je kunt hiermee immers ook van elkaar leren. Dat vind ik bij mijn Nederlandse familie toch wel een stuk makkelijker. Het is een vorm van respect of zo wat we hebben meegekregen maar wat op momenten best verlammend kan werken, zeker met dit soort onderwerpen.

Ik ben nog nooit op de Molukken geweest maar dat staat zeker op mijn lijstje. Ik hoop er een beetje de echte Molukse cultuur te kunnen ontdekken. Natuurlijk kun je dat in Nederland ook vinden maar toch heb ik zo’n gevoel dat het op de Molukken zelf anders is. Bovendien lijkt het me wel heel interessant om te ontdekken en te bekijken waar ‘gewoon Carmen het halfbloedje’ vandaan komt of te zien waar mijn opa en oma zijn geboren. Ik spreek geen Maleis, ik begrijp het wel. Het Maleis zou ik overigens wel beter willen leren spreken. Ik heb het mijn vader destijds wel kwalijk genomen. Waarom heb je ons niet tweetalig opgevoed? Maar hoewel ik dat destijds heel stom vond snap ik nu zijn redenatie wel. Mijn vader zat toen hij nog jong was op een Nederlandse school en vond het destijds door taalbarrieres moeilijk om alles op te pikken.

 

Mijn beste beslissing ooit

Ik heb altijd een brede interesse gehad. Zo wilde ik vroeger graag stewardess worden. Hoewel ik ook een periode heb gehad waarin ik overwogen heb rechten te gaan studeren. Media was er ook één en ik heb dan ook nog een tijdje HBO Media & Entertainment Management gestudeerd. Als ik terugdenk aan al die verschillende interesses zijn er veel gekomen en ook veel weer gegaan. Haarstyling is er echter één die er altijd geweest is en ook nooit meer is weggegaan. De eerste herinnering hieraan is dat ik mijn stijlvolle moeder nadeed met wat zij altijd met mijn haar deed. 

Hoewel Media & Entertainment een mooie studie is en het mijn interesse ook heeft kwam ik er al snel achter dat mijn hart er niet lag. Op een gegeven moment zei ik tegen mijzelf: stop ermee, volg je hart en ga gewoon je ding doen! Jaqueline Hoogendijk, een vriendin van mijn stieftante, die in het vak zit vroeg ik eens welke opleiding zij mij zou adviseren. Zij noemde er enkele waaronder de haar en visagie opleiding die ik uiteindelijk ben gaan doen. Ik moest er een intake doen omdat ze slechts 40 studenten toelieten. Alles ging goed en ik werd geselecteerd. Vanuit mijn omgeving reageerden veel mensen verbaasd over mijn beslissing om van een HBO terug te gaan naar een MBO opleiding. Ook mijn ouders wilde ik voor mijn gevoel hierin niet teleurstellen. Hoewel ik al het commentaar destijds moeilijk vond kan ik nu heel duidelijk stellen dat het mijn beste beslissing ooit is geweest. 

De opleiding was heel divers, van visagie, grime, kapperstechnieken, special effects, haarwerken en bodypainting tot vakken als ondernemen. Je kunt heel veel verschillende kanten op met deze opleiding. Sommige oud-klasgenootjes zijn zo ontzettend goed in hun vak. Vooral sommige collega’s in de special effects kunnen je de mooiste en engste creaties laten zien. Ontzettend knap, maar zelf houd ik meer van real life en naturel. Het is ook wel de reden waarom ik voor de televisie-kant heb gekozen. Tegen het einde van mijn eerste jaar vroeg Jaqueline Hogendijk aan mij of ik niet een keertje mee wilde naar de set.

We hadden al die tijd via Facebook contact gehouden. Ze gaf aan dat ik er wel klaar voor was om een keer mee te lopen. Ik postte ook regelmatig mijn studieopdrachten op Facebook en ik denk ook dat dit haar vertrouwen gaf. Samen met Bianca van der Steen heeft ze een bedrijf genaamd “Geen Bluf” waarmee zij worden ingehuurd om het haar en de make-up te doen voor filmproducties, tv-series en shoots. Nou dat wilde ik natuurlijk wel. Bianca nam mij hierop mee naar de tv-serie “Bluf” met onder andere Javier Guzman en ik werd hier direct het diepe ingegooid. Ik mocht met van alles helpen en ook heel veel zelfstandig doen. Het was een bijzondere ervaring en ik genoot met volle teugen. Blijkbaar deed ik het ook goed want ik werd teruggevraagd. Zo ging ik na hier ook stage te hebben gelopen mee naar de filmpremière van ‘Hart Beat’, een muzikale komedie van regisseur Hans Somers, en toen zag ik mezelf op de filmaftiteling staan, dat vond ik zo vet! Wauw mijn naam”, zegt ze lachend en trots. “De opleiding duurt 3 jaar en in die periode ben ik mee blijven lopen in het bedrijf. Nadat ik klaar was met school kreeg ik de kans om er fulltime te gaan werken. Het klinkt misschien cliché maar de vrouwen voor wie ik nu werk zijn mijn grote voorbeelden. Ik leer gewoon heel veel van ze. Ze nemen me altijd mee in hun gedachten en stellen zich ook open voor mij. Dat hebben ze eigenlijk al vanaf het begin gedaan. Ik werk er nu en ik leer er elke dag nog steeds nieuwe dingen. 

 

Gezegend avontuur

Omdat ik op de set altijd op andere locaties werk is mijn vak elke dag weer een nieuw avontuur. Twee maanden geleden was ik Afrika voor een serie over adoptie.  Ik was intens blij dat ik mee kon om te assisteren met de make-up. De documentaire hield zich bezig met misstanden in de adoptie. Toen heb ik goed gezien hoe de wereld ook kan zijn. 

Die enorme armoede vond ik enorm intens. Natuurijk realiseerde ik mij altijd wel hoe rijk ik het hier in Nederland heb, maar toen moest ik toch echt wel even slikken en liep ik even weg. Allemachtig, dacht ik dan, wat kunnen wij allen in deze consumptiemaatschappij soms zeuren zeg. Kijk wat deze mensen allemaal niet hebben, letterlijk niet hebben. En zo zit je het ene moment in Afrika tussen de armoede en zit je een moment later bij een Amerikaanse productie in Amsterdam. The Hitman’s Bodyguard met Samuel Jackson. Een komische actiefilm die grotendeels in Amsterdam werd opgenomen. Ook dat was bijzonder om mee te maken. In deze productie kregen wij met Geen Bluf de stuntmannen, zij moesten de acteurs nabootsen. De ontwerpen hiervoor waren al vastgelegd. Er waren veel special effects met auto’s die de gracht inreden bij de Nieuwmarkt en een veelvoud aan ontploffingen. Hoe contrasterend met het avontuur in Afrika maar hoe vet om ook dit mee te maken! Als ik hier allemaal over nadenk voel ik me gezegend dat ik voor Geen Bluf mag werken.

Waar we ook zijn, elke keer stallen we ons eigen ‘winkeltje’ weer uit. Voor de acteurs een vertrouwde rustgevende plek om te komen. De locaties wisselen, het winkeltje blijft. Elke film en serie geeft andere ontwerpen, andere huidtinten, haar en andere karakters. Zo kun je natuurlijk ook een acteur met drie verschillende karakters tegenkomen. Ook dat maakt het vak zo afwisselend. Ik doe nog niet het ontwerp maar ik vraag wel altijd hoe ze tot het ontwerp zijn gekomen omdat ik daar van wil leren. 

 

Perfectie

De ontwerpers kijken eerst naar het verhaal om daarna bij hunzelf na te gaan wat voor gevoel ze krijgen bij deze persoon. De productie in Afrika bijvoorbeeld speelde zich af in het verleden en het heden. Hoe maak je dan iemand ouder en hoe maak je iemand jonger en wat is daarvoor nodig? Dat is echt per persoon verschillend. Ik vind het heel tof om te leren. Er gaat echt een heel plan aan vooraf. Jacqueline en Bianca maken de ontwerpen en gaan hiervoor met de klant of regisseur in gesprek over wat ze in gedachten hebben over hoe de karakters eruit komen te zien. Er wordt een moodboard gemaakt, je doet make-up testen en er wordt bekeken hoe alles op beeld overkomt. Ik heb ooit stage gelopen bij “de zaak Menten” een serie over de Nederlandse oorlogsmisdadiger Pieter Menten. Grote delen speelden zich af in de jaren 40. Je gaat dan echt terug in de tijd en kijkt hoe de kapsels toen waren, de make-up was, de wenkbrauwen etc. Alles past zich eigenlijk aan. En uiteraard niet alleen op het vlak van haar en make up. Ook de kleding, de omgeving, het licht enzovoorts. Overigens merk ik nu ik wat  langer in de wereld van de visagie zit dat ik anders leer kijken. Ik zie nu het gehele plaatje. Soms krijg ik gewoon kippenvel of een brok in mijn keel, het raakt mij, omdat alles zo perfect lijkt en alles zo mooi bij elkaar past. Dat geeft mij voldoening.

Sommige mensen onderschatten mijn vak en denken soms dat het een kwestie is van even snel wat make-up op doen en klaar ben je. Maar zo simpel is het uiteraard niet. Je moet zoveel focus hebben en heel hard werken om dit kwalitatief te kunnen doen. Als ik terugkijk naar mijn studiegenootjes zijn er ook een aantal gestopt. Hard werken betekent voor mij dat je er overal en altijd voor de volle 100% voor gaat. Ik houd niet van half werk leveren. Dat vind ik heel erg suf. Ik probeer altijd ontzettend mijn best te doen, kwaliteit te leveren en om wat mij is uitgelegd zo goed mogelijk te realiseren. Perfectie is mooi maar soms niet haalbaar maar ik wil daar wel dichtbij komen.

Ik ben nog niet bij een Molukse productie betrokken geweest. Ik ben eigenlijk ook nooit Molukse collega’s tegen gekomen in mijn vak. Er zijn naast visagie zoveel mogelijkheden:  cameramensen, regisseurs, runners, de art-departement, kleding en nog heel veel meer. En tegelijkertijd loopt er zoveel Moluks creatief talent rond dus ik denk dat ik in de toekomst zeker meer Molukkers ga tegenkomen. En als je het tof lijkt dan gewoon Doen! Gewoon proberen, jezelf laten zien en een goede opleiding volgen. Je hebt ook particuliere opleidingen voor alleen visagie of alleen haar. Maar wat ik in ieder geval mee kan geven is dat het heel slim is om een combinatie te doen. Je maakt jezelf daarmee een stuk waardevoller en hier in Nederland merk ik toch wel dat het nodig is. Uiteraard vragen ze wel eens een visagist of iemand die alleen haar kan doen, maar het is mooier als je alles kunt doen. Verder gewoon je best doen en altijd jezelf blijven. Daarnaast gaan met dit vak vaak lange werkdagen gepaard en is het echt vermoeiend om 11 uur lang op je voeten te staan.Je moet er dus echt voor willen gaan. Blijf ook op de weg erheen niet stilzitten. Durf jezelf aan te bieden om iets te doen. Dat kan met film zijn of met theater, in de winkel of bij een fashion-show. In het begin heel veel geven en heel veel investeren in jezelf. Jezelf laten zien en je naam laten gelden en vooral niet denken dat opdrachten te klein zijn voor jouw talent.  Ik denk dat dat ook wel belangrijk is. Heel veel mensen willen meteen al veel en grote bedragen zien. Maar je zult je toch echt eerst moeten bewijzen, voordat je iets waard kunt zijn. 

 

De drie puntjes op de i...

Wat is de reden dat jij je inzet voor bangsa! ? 

Ik denk dat er onder de Molukkers veel verborgen talenten zijn. Het is belangrijk dat jij jezelf laat zien en jezelf uitdaagt; laat je horen! Sommigen van ons blijven lang bij hun ouders wonen, begrijp me niet verkeerd het is niet erg als je lang bij je ouders blijft wonen maar probeer jezelf wel altijd te blijven ontwikkelen. We zijn allemaal heel bescheiden en netjes opgevoed heh, dat is heel mooi maar je mag jezelf wel laten zien. 

Welke Molukker zou je graag ontmoeten en wat zou je hem of haar willen vragen als je slechts 1 vraag mocht stellen?

Eigenlijk mijn overgroot opa en oma. Opa Elias de Fretes en oma Nah, ze heet eigenlijk Hannah. Ik heb heel veel verhalen over ze gehoord. Mijn vader is opgevoed door zijn opa en oma. Ondanks de striktheid van mijn overgrootmoeder, het schijnt dat ze echt heel streng was, zijn er altijd zoveel mooie verhalen, is er respect en veel liefde. Ik ben heel benieuwd hoe zij over ons, de kleinkinderen, denken? Hoe wij het nu doen. Ik zou echt van ze willen weten, hoe zij het toen hebben ervaren en hoe zij tegen ons als huidige generatie Molukse jongeren aankijken? Zijn we goed geïntegreerd of misschien wel te goed? Zijn we te Nederlands geworden in hun ogen? Lijkt me super interessant. 

Wat wil je graag de volgende generaties meegeven? 

Dat je weet waar je vandaan komt! En dat je de geschiedenis kent! Op de basisschool heb ik mijn geschiedenisleraar wel eens gevraagd waarom er in de Nederlandse geschiedenisboeken alleen staat vermeld dat op de Molukken kruidnagel werd gehaald. Het was een belangrijke periode in de Nederlandse geschiedenis en waarom staat er dan niet in opgetekend wat de reden is dat Molukkers hier in Nederland zijn. Ik vind dat we toch vergeten worden door de Nederlandse maatschappij. Dat komt voor een groot deel ook door onze bescheidenheid. We moeten het beste van ons leven maken en dat laten zien. We mogen trots zijn op onze bescheidenheid maar we moeten onszelf wel laten zien. Ik wil dat mijn kinderen echt meegeven. Dat ze het weten en dat ze zich daar bewust van zijn.

Fotografie: Fransjo Leihitu